|
Het vetsmeersysteem bestaat uit:
 |
Pomp met vetreservoir; |
 |
Vetverdeler(s) met leidingen; |
 |
Elektronische stuurunit. |
KFG 1-2 |
 |
KFG 3-4 |
 | Alle componenten zijn geschikt voor het
verpompen van vetten t/m NLGI - klasse 2. Dit vet komt in dikte overeen
met het van oudsher bekende doorsmeervet.
Vogel vetsmeersystemen zijn ontworpen voor alle weersomstandigheden
en functioneren bij temperaturen van -250C tot
+750C. Afhankelijk van het aantal aan te sluiten smeerpunten,
zijn vetpompen met reservoirinhoud van 2, 6 en 10 liter leverbaar. Deze
elektrisch aangedreven vetpompen beschikken, afhankelijk van het aantal
aan te sluiten smeerpunten, over 1 tot maximaal 3 uitgangen. Voor iedere
uitgang zijn pompelementen met 4 verschillende doseerhoeveelheden
beschikbaar.
Op ieder pompelement wordt een progressief werkende vetverdeler
aangesloten, welke de vetopbrengst van de pomp in vaste verhoudingen
verdeelt over de verschillende smeerpunten.
| Doseerhoeveelheid per cyclus per uitgang: |
 |
Type VPBM vetverdeler: 0.13 cc; |
 |
 |
Type VPKM vetverdeler: 0.04 tot 0.36 cc. |
 |
Het maximaal aan te sluiten smeerpunten per
verdeler bedraagt 20.
Een vrij programmeerbare elektronische besturingsunit type IG 502-E
schakelt met regelmatige tijdsintervallen de vetpomp in, waardoor alle
aangesloten smeerpunten automatisch gesmeerd worden.
|